De 3 grootste bedreigingen voor kennisgroei (nummer 3 zal je niet willen geloven)

Kun je ooit teveel weten? Of kan dat wat je weet ook in de weg staan van dat wat je nog niet weet? Informatie over de markt, klantvoorkeuren en concurrenten is onontbeerlijk voor een goede bedrijfsvoering.

In dit artikel verkennen we de 3 grootste bedreigingen voor kennisgroei, waarna we afsluiten met 3 succesfactoren als remedie.

 

1. Personalisatie van zoekresultaten (computers)

In 2011 schreef Eli Pariser zijn boek “The Filter Bubble: What the Internet is Hiding From You”. Je kunt zijn gedachtengang volgen in deze TED Talk waarin hij laat zien hoe Google andere resultaten presenteert afhankelijk van wie de vraag heeft gesteld. Jij kan dus andere dingen te zien krijgen dan ik.


Ook Facebook past de publicaties in jouw Timeline aan op basis van jouw voorkeuren, die door Facebook continu worden geanalyseerd.

Maar niet alleen Google en Facebook doen aan dit soort personalisatie. Het internet toont ons wat het denkt dat wij willen zien. Je ziet niet eens wat eruit is geknipt.

Verandering van spijs doet eten, is een verouderd gezegde, want tegenwoordig krijg je gewoon meer van hetzelfde. Omdat je dat kennelijk ooit lekker hebt gevonden.

2. Online communities en netwerken (vrienden)

Tegenwoordig halen we veel van ons nieuws uit ons sociale netwerk online. Niet alleen het nieuws dat je in de krant zou kunnen lezen, maar ook het hele persoonlijke nieuws van onze vrienden en familie. “We hebben een nieuwe hond”. “Ja, ik zag hem al op Facebook. Leuk dier”.

Onschuldig toch?

Niet helemaal als je bedenkt dat je vooral omgaat met gelijkgestemden. Je zit dan eigenlijk ook in een filterbubbel; een mooi woord daarvoor is ‘online community’.

Je zult je misschien afvragen: “Welk gevaar kan er nou schuilen in zo’n gezellige online community?”. Dat zal ik je nu vertellen, want hoe intelligent je vrienden ook zijn… ze beperken toch je wereldbeeld.

Op 19 januari 2016 verscheen in de PNAS (Proceedings of the National Academic of Sciences of the United States of America, vol. 113, no3) een artikel door Del Vicario et al. met de veelzeggende titel “The spreading of misinformation online”.

Zij onderzochten hoe verschillende typen informatie zich verspreidt. Een interessant onderzoek omdat digitale misinformatie door het World Economic Forum is aangewezen als één van de grootste bedreigingen voor onze maatschappij.

“The global risk of massive digital misinformation sits at the centre of a constellation of technological and geopolitical risks ranging from terrorism to cyber attacks and the failure of global governance.” – Bron: World Economic Forum

Je kunt het hele onderzoek en hun methodiek online inzien. In het kort gaat het over het gegeven dat mensen zich verzamelen rondom een topic op basis van wat zij reeds geloven (hun set van overtuigingen). Dit leidt tot homogene en gepolariseerde groepen.

Del Vicario vergeleek wetenschappelijke groepen t.o.v. groepen die zich concentreren rondom een complottheorie. De eerste laat zich kenmerken doordat het verifieerbaar c.q. falsifieerbaar is; de tweede laat zich kenmerken door een simplificatie van oorzaak en gevolg waarbij een bepaalde mate van onzekerheid wordt getolereerd.

De input die leden van zo’n groep krijgen wordt gefilterd doordat vooral informatie die de eigen overtuigingen bevestigt steeds weer met elkaar wordt gedeeld. Herhaling versterkt de overtuigingen en van correctie is geen sprake. Dit werkt polariserend en versterkend.

Zit je in zo’n online community dan zit je dus in een kamer vol echo’s.

De invloed van echokamers op de informatiestroom werd ook onderzocht door Lorien Jasny et al. en op 1 oktober 2015 gepubliceerd in Nature Climate Change. In dit onderzoek verschilden de groepen t.a.v. hun standpunten in de klimaatcrisis en de oorzaken daarvan.

“Our research underscores how important it is for people on both sides of the climate debate to be careful about where they get their information. If their sources are limited to those that repeat and amplify a single perspective, they can’t be certain about the reliability or objectivity of their information.” – Bron: Nature Climate Change

Onderstaande figuur van Jasny simplificeert wat zich binnen zo’n echokamer afspeelt: A deelt informatie naar B en C. B stuurt dit ook door naar C. 

Vervolgens constateert C: “Ik heb dit nu al twee keer gezien van twee verschillende mensen die ik ken, vertrouw en leuk vind, dus… het is waar!?”. Iets om rekening mee te houden.

Maar dan zijn we er nog niet. Naast gepersonaliseerde zoekresultaten en online communities die ervoor zorgen dat je vooral meer hoort van hetzelfde is er nog een zwakke schakel. En daarmee komen we op nummer 3.

3. Selectieve waarneming en interpretatie (wijzelf)

Als je dit leest ben jij ook (maar) een mens en heb ook jij te maken met vertekening van waarnemingen, interpretaties, geheugen en conclusies. De één wellicht meer dan de ander – zoals ook meer dan 50% van de autobestuurders vindt dat zij een betere chauffeur zijn dan gemiddeld – maar jij ook dus, en ik.

Het is een goed begin om je er bewust van te zijn. Want ons denkproces is kwetsbaar. Het kan op een hele hoop manieren mis gaan; daar zijn we dan best creatief in. Ik noem er een paar uit de vele mogelijke denkfouten.

  • Backfire effect: Je stuit op bewijs voor het tegendeel van wat je gelooft en je reageert daarop door je overtuigingen juist te versterken. Dit is waarom het maar beter is om niet heel hard in te gaan tegen mensen die geloven dat vaccinaties leiden tot autisme.
  • Confirmation bias: Wanneer je eenmaal een idee hebt over de werkelijkheid stap je daar maar weer moeilijk vanaf. Complotdenkers kunnen bijvoorbeeld elke poging om hen op andere gedachten te brengen zien als bewijs voor zo’n complot.
  • Subjectieve validatie: Je neemt iets aan voor waar omdat het resoneert met iets dat voor jou persoonlijk van belang is (geloof in horoscopen). Of je legt een verband tussen twee zaken die eigenlijk niets met elkaar te maken hebben omdat je heel graag wilt dat er een verband is (ik dacht net aan je toen je me belde).

Al in de 15e eeuw zei Thomas Cardinal Wolsey: “Be very, very careful what you put into that head, because you will never, ever get it out.” En dat is nu niet anders.

Hoe ontsnap je aan je mens-zijn, de selectieve input en de selectieve verwerking daarvan?

3 Succesfactoren voor het doen van nieuwe ontdekkingen

Om op ontdekkingsreis te gaan en zo goed mogelijk waar te nemen is het belangrijk dat je zoveel mogelijk onthecht bent van je eigen hypothesen en overtuigingen t.a.v. het onderwerp waar je meer over wilt weten. Het begint bij bewust zijn waar je nu nu in gelooft door dat bijvoorbeeld hardop uit te spreken of uit te schrijven (succesfactor 1). Wat weet je zeker? Hoe graag wil je dat dat echt waar is? Wat weet je dat je mist? En waarover twijfel je?

Dat zijn de gebieden die je in kaart kunt brengen, maar er zijn er dan nog twee die ontbreken: De zaken waarvan je niet weet dat je ze niet weet. En de zaken die je denkt zeker te weten, maar die niet kloppen. Dat je het maar weet.

De tweede succesfactor is open staan voor nieuwe informatie met een onbezwaarde geest. Een bekend zen-verhaal illustreert het belang van een lege geest, of Sho Shin in het Japans.

“Nan-in, een Japanse leraar uit het Meij-tijdperk (1868-1912), ontving bezoek van een professor van een universiteit die inlichtingen over Zen kwam vragen.

Nan-in serveerde thee. Hij schonk het kopje van zijn gast vol, en bleef toen doorgieten.

De professor keek toe hoe het kopje overliep tot hij zich niet langer kon inhouden.

‘Het is allang vol. Er kan niets meer bij!’

‘Net als deze kop,’ zei Nan-in, ‘bent u vol van uw eigen opvattingen en bespiegelingen. Hoe kan ik u bijbrengen wat Zen is als u niet eerst uw kop leegmaakt?'”

— Citaat uit: Paul Reps: “Zen-zin, Zen-Onzin”, Ankh Hermes, 1979, blz. 16.

De eerste 2 succesfactoren worden prachtig samengevat in de lijfspreuk van Bruno Ernst, oprichter van de eerste Nederlandse volkssterrenwacht in Oudenbosch: “Nescius omnium curiosum sum” oftewel “Ik weet niets, maar ik ben nieuwsgierig naar alles”. Een mooie variant op de paradox van Socrates die, vrij vertaald, heeft gezegd: “Ik weet dat ik niets weet”.

De derde succesfactor is zorgen dat je een systeem – een discovery tool – hebt waarmee je zorgt voor nieuwe input uit nieuwe bronnen. Dus zonder gepersonaliseerde zoekresultaten, los van je eigen sociale netwerk en los van je eigen feedreader met je favoriete en voor jou bekende websites.

Van deze 3 succesfactoren is die laatste nog degene die je het gemakkelijkst kunt invullen. Iets om mee te beginnen dus.

Foto credits: Eric Schmidt, Charles Haynes / Flickr / CC BY-SA 2.0; Bruno Ernst bij Sterrenwacht Tivoli, Astroforum; Thomas Wolsey, Sampson Strong (circa 1550-1611), Public Domain via Wikimedia Commons.

 

Posted in:

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.